bon

wijactiviteitgeschiedenislinkbonifatiusbeursCreditonlinkdokkumlinkfuldalinkmedia

homelink

Feiten       Legendes      Lezing

De legendes

Rondom de persoon van Bonifatius en Dokkum hangen diverse mysterieuze verhalen. En van iedere legende zijn verschillende versies. Uit al deze versies is een keuze gemaakt, gebaseerd op "meest vertelde".


Heilige eik
Op zijn weg door Europa vernielt Bonifatius heidense eigendommen. De meest indrukwekkende vernieling is het vellen van de Wodanseik. De grote eik, die door de Germanen als “een manifestatie van de door de goden bestuurde wereld” werd gezien. Bonifatius hakt de grote eik om. De stam scheurt en de eik valt neer in het teken van het kruis. Christus’ kracht blijkt sterker dan die van Wodan. Van het hout van de heilige eik wordt op die plaats een kerkje gebouwd.

eik

Stenen brood
Op zijn weg door Friesland, trekt de stoet van Bonifatius en zijn metgezellen langs een huis alwaar de geur van versgebakken brood hen tegemoet komt. Van de lange reis zijn ze moe en hongerig geworden. Bonifatius vraagt de vrouw des huizes of zij brood in huis heeft om zijn honger te stillen. Maar de vrouw antwoordt dat ze geen brood heeft. Wanneer Bonifatius de vrouw vraagt wat zij dan in haar oven heeft, zweert zij dat ze stenen aan het bakken is. Daarop spreekt Bonifatius: dat al wat in de oven ligt in steen mag veranderen. En direct veranderde al het brood in de oven in steen. Één van deze stenen broden is bewaard gebleven en ligt ter bezichtiging in de stilte kapel van de Bonifatiuskapel te Dokkum.

brood

Witte lok, kale plek
De afstammelingen van de moordenaars, afkomstig uit Murmerwoude (tegenwoordig Damwoude), zijn te herkennen aan 2 specifieke kenmerken. De mannelijke afstammelingen hebben een witte haarlok achter in de nek. De vrouwen zouden een kaal plekje op het hoofd hebben, als herinnering aan de brute moord op de Britse zendeling en zijn gezellen.


Onbestelbaar
Enige tijd na de moord, kwamen Utrechtse monniken naar Dokkum om het lichaam van Bonifatius en zijn 52 metgezellen te begraven. Zij hebben de 52 metgezellen ter plaatse begraven. Maar het lichaam van Bonifatius verdiende een laatste rustplaats in de kathedraal van Utrecht. In Utrecht was een grote menigte mensen op de been, biddend dat de Heilige zijn laatste rustplaats in Utrecht zou vinden. Maar toen zij de baar met het lichaam van Bonifatius de kerk in wilden dragen, bleek de baar ontilbaar. In dit wonderbaarlijke voorval zagen de Utrechtenaren een aanwijzing. Bonifatius wilde niet in Utrecht rusten. Zij droegen de baar vervolgens terug naar het schip (!) en voeren het lichaam naar Mainz. Maar ook daar kreeg men de baar niet omhoog. Pas in Fulda lukte het het lichaam van Bonifatius naar de kathedraal te dragen. De plaats waarvan Bonifatius altijd gezegd heeft, na zijn dood begraven te willen worden.


Het wonder
De feiten In 1990 brengt een echtpaar een bezoek aan de Bonifatiuskapel. Hun baby leed aan kinkhoest. Alle doktersbezoeken ten spijt, bleef het kind hoesten. Tijdens de rondleiding in de kapel, van pastoor H. Peters, hoort het echtpaar van de vermeende geneeskrachtige werking van de Bonifatiusbron. De man en zijn vrouw besluiten hun kind onder te dompelen in de bron. Het kind geneest spontaan van zijn kinkhoest. Uit dankbaarheid heeft de vader grote bekendheid willen geven aan dit “wonder”. Sindsdien proberen zieken hun heil bij de bron te vinden. En verschillende van die bezoekers zijn er van overtuigd dat zij bij de bron genezing of verlichting van hun kwalen hebben gevonden...


De legendes over de bron
Over het ontstaan van de bron doen verschillende verhalen de rond. De Één vertelt dat het paard van Bonifatius met zijn been op de grond stapte waarna er zoet (!) water opwelde uit de zoute klei.
Een tweede verhaal, uit de Latijnse levensbeschrijving van Willibald, vertelt dat de bron werd gevonden door de volgelingen van Abba. Al vrij snel na Bonifatius’ dood, werd er op de plaats van de moord een terp opgericht. Op deze terp werd ter ere van Bonifatius een kerk, een toren en een klooster gebouwd. Toen de terp gereed was, kwam men tot de ontdekking dat er geen water was op de terp. Nergens in de buurt bleek een zoetwater bron. De Dokkumers vroegen de Friese stadhouder Abba om raad. Heer Abba en zijn gevolg zochten de omgeving af naar een bron, maar ook zij vonden niets. Teleurgesteld wilden ze vertrekken. Op dat moment zakte echter een van de paarden plotseling met de voorste benen in de grond. Het beest werd losgetrokken, en uit het gat kwam een straaltje water omhoog! Verbaasd keek men toe hoe de straal een beekje vormde. Het water bleek zoet! De nood was geledigd. Het volk dankte God en vereerde Bonifatius. De bron draagt vanaf die dag Bonifatius’ naam.
Een derde legende luidt: Bonifatius op zoek naar zoet water tikte met zijn bisschopsstaf op de grond en daar ontstond de bron.

bron